Marcel aan het werk2Dit interview verscheen eerder op Debuitenlandredactie.nl

Ondanks dat veel moslims in Bosnië-Herzegovina gematigd zijn, vieren ze het offerfeest uitgebreid. Vrijwel alles in Sarajevo is gesloten. We nemen plaats op een terras dat wel open is. Binnenkort zijn hier verkiezingen en al snel raken we in gesprek over mogelijke oplossingen voor dit land. Marcel van der Steen (41) woont in Sarajevo en is nu ongeveer vier jaar freelance correspondent op de Balkan. Hij werkt onder meer voor de VRT, BNR, RTL Nieuws en de NTR. Zijn eerste opdracht was een radio-item tijdens de vorige verkiezingen. Zijn liefde voor dit land gaat veel verder terug.

Waar komt de interesse voor Bosnië-Herzegovina vandaan?

“Ik was altijd al wel geïnteresseerd in Oost-Europa. Ik was een jaar of 16 toen de Berlijnse Muur viel. Fantastisch was dat. Ineens was Oost-Europa bereikbaar en ik wilde daarheen. Dat begon gewoon met interrailen naar Berlijn, Polen, Slowakije enzovoorts. Een aantal jaar later begon in Bosnië de oorlog. Dat fascineerde me, want ik kon er niet naartoe. Ik heb de situatie heel bewust gevolgd, op de één of andere manier heeft het me altijd erg geraakt. Harald Doornbos zat hier toen. En hij is één van mijn inspiratiebronnen geweest om journalist te worden. Van kinds af aan wilde ik dat al wel, maar uiteindelijk heeft zijn verslaggeving er mede voor gezorgd dat ik een avondopleiding journalistiek ging volgen.”

Wilde je niet gewoon oorlogsverslaggever worden?

“Misschien wel, het is ook gewoon erg avontuurlijk en dat is interessant als je jong bent. Harald is wat dat betreft gek, hij stopt nooit, nu zit hij weer aan de Syrische grens. Ik heb bewondering voor hem. Ik vind conflicten nog steeds fascinerend. Waarom zijn mensen in staat, na jarenlang vredig samen te leven, elkaar de kop in te slaan? Ik kan me ook niet voorstellen dat je vecht voor een stuk land, ik heb dat identiteitsgevoel niet.”

Had je een idee waar je aan begon toen je hier ging werken?

“Het heeft nog lang geduurd voordat ik hier echt ging wonen. In 1999 was ik voor het eerst in Sarajevo. Het land lag echt nog in puin en overal op straat waren militairen aanwezig. Wat mij raakte was dat mensen hun trots niet verloren waren. Ze flaneerden op de puinhoop. Ik herinner me een groep jongens, dat hier vlakbij op een pleintje aan het basketballen was. Elke keer als ze scoorden viel het bord met de ring naar beneden, maar elke keer hingen ze het terug op en speelden ze door. Nu lijkt het alsof dit optimisme verdwenen is.”

“Je komt hier ook met een Westerse blik die pro-Bosnisch is. Natuurlijk, feitelijk gezien hebben zij het meest geleden en de Serven zijn daar vooral verantwoordelijk voor. Maar hoe langer ik hier woon, hoe meer ik zie dat niet alleen de koude feiten, maar ook emoties een belangrijke rol spelen, en die zijn niet in cijfers uit te drukken. Bijvoorbeeld mijn vriendin, zij is opgegroeid in Pale, hoofdkwartier van de Serven tijdens de oorlog. Ze was veertien toen de oorlog begon, dus heel haar pubertijd heeft zij middenin een conflict geleefd. Haar vader heeft ook gevochten hier in de bergen. Lastig te begrijpen als je door een westerse bril kijkt, maar misschien wel met de beste intenties om zijn gezin te beschermen. Door haar achtergrond denken wij: zij is fout. Wat er is aangericht door Bosnische Serviërs is absoluut gruwelijk en op geen enkele manier goed te praten, maar tegelijkertijd: ook zij is slachtoffer. Feiten zijn belangrijk, maar emotie ook. Hoe meer ik me openstel voor verhalen, hoe minder zwartwit de situatie wordt.”

Zijn er ook verhalen die niet teruglopen naar de oorlog?

“Ik ben het zat om elke keer over de oorlog te praten. Dat is echt een beperkte blik. Het is ook wel begrijpelijk. Nederland wordt geraakt als het over Srebrenica gaat, dus willen de media daarover berichten. Het helpt natuurlijk ook dat het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag zit. Het lijkt alsof België meer aandacht heeft voor verhalen die niet direct aan de oorlog gerelateerd zijn. Ze hebben een bredere blik. Ze wilden bijvoorbeeld sowieso een verhaal over de Gay Pride in Belgrado, ongeacht of er rellen zouden uitbreken. Nederland zegt ook wel: “we zijn Balkan moe. Het schiet hier gewoon niet op, het is steeds hetzelfde verhaal.” Ik snap de concurrentie, want er gebeurt nu veel in de wereld. Maar ik denk dat de Balkan onderschat wordt. De regio kan namelijk best wel eens een belangrijke rol gaan spelen in Europa. Servië is bijvoorbeeld nog steeds goede vrienden met Poetin. Dat is een belangrijk gegeven om in de gaten te houden.”

“Uiteindelijk heeft alles hier te maken met de oorlog. Zelfs een verhaal over de overstromingen in mei, omdat het een van de weinige momenten na de oorlog was dat solidariteit een rol speelde. Ondanks de politieke verdeeldheid en ondanks etnische verschillen, hielpen mensen elkaar. De oorlog zit echter zo diep, de gevolgen ervan zijn nog dagelijks aanwezig.”

In hoeverre beïnvloeden persoonlijke relaties jouw onafhankelijke positie als journalist?

“Dat is erg lastig, maar ik hoef niet overal een mening over te hebben. Ik luister vooral naar de verhalen. Ik heb vrienden uit alle bevolkingsgroepen. Alle drie de kanten hebben fouten gemaakt, voor, tijdens en na de oorlog. En de gewone mensen lijden daaronder. Dat maakt het interessant, maar ook ingewikkeld. Doordat mijn vriendin in Pale woont kom ik daar nu ook vaak. Daar zitten echt hardliners waar je prima rakija mee kan drinken, maar met onderwerpen als oorlog en politiek moet je soms voorzichtig zijn.“

“Ik houd van dit land. Ik wil graag dat het een toekomst heeft, maar Bosnië zit nu in een impasse. Heel frustrerend. Mensen hebben geen hoop meer en er heerst vooral apathie. Er wordt veel geklaagd over de EU en de internationale gemeenschap. Er komt weinig vanuit de mensen zelf. Dat komt ook doordat er angst is om te verliezen wat ze wel hebben.”

Je woont hier nu ongeveer vier jaar. Zijn er dingen veranderd?

“Eigenlijk niet. Ik kom niet echt toe aan mijn eigen projecten, want dat kost tijd en tijd is geld voor een freelancer. Ik wilde ooit een boek schrijven over de Bosnische identiteit, maar of het daar nog van komt? We zullen zien. Daarnaast heb ik ook ideeën voor een documentaire over Pale. Hoe gaat het daar nu twintig jaar na de oorlog? Hoe leven de mensen daar? Het beeld van de Serven in Bosnië wordt grotendeels bepaald door de daden onder leiding van Mladic en Karadzic. Logisch. Maar tegelijkertijd willen de gewone Bosnische Serven ook weer een normaal leven. Vooral jongeren willen vooruit. En dat is lastig omdat ze een schuld met zich meedragen. Ik zou die strijd graag willen vastleggen.”

“Het land begrijpen heeft lang geduurd. Hoe meer je weet, hoe minder je snapt. En elke keer als je denkt dat je het snapt, dan is het toch niet zo. Het is bijna een cruijffiaans gezegde. Maar ik denk nu wel dat ik het langzaam begin te begrijpen.”

Deze productie is gemaakt in het kader van het journalistieke trainingsprogramma van Lokaalmondiaal: Beyond Your World.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *